Tijdens een les van economie in de derde klas hoorde ik voor het eerst van mijn docent over deze fenomen: het glazen plafond en de loonkloof. Daarvoor dacht de onwetende ik altijd dat mannen en vrouwen evenveel betaald kregen voor hetzelfde werk, want dit klonk heel vanzelfsprekend. Toch is dit helaas nog steeds niet het geval en ik denk dat hier meer aandacht aan geschonken moet worden.

In de jaren ’80 is in de Verenigde Staten de term glass ceiling bedacht en deze metafoor duidt de onzichtbare barrières aan die vrouwen tegenhouden bij het bereiken van topfuncties in het bedrijfsleven. Deze barrières omvatten vooral gedragsvooroordelen, zoals dat mannen van nature betere leiders zijn en dat vrouwen te emotioneel zouden zijn om aangesteld te worden als bestuurder van een bedrijf. Ook in Nederland speelt dit fenomeen een rol: er wordt al ruim zes jaar gewerkt aan het wettelijk streven om minstens 30 procent van de besturen van grote bedrijven uit het vrouwelijk geslacht te laten bestaan. Om dit te laten slagen, werd eerder al voorgesteld om een vrouwenquotum in te stellen: bedrijven moeten dan dus een bepaald aantal vrouwen aannemen die dan de topfuncties in hun bedrijf zullen bekleden. 30 procent lijkt misschien nog niet erg veel, maar dat is het wel wanneer dat tegenover de 11,7 procent van 2016 wordt gezet.

In de huidige maatschappij worden vrouwen in tegenstelling tot mannen niet weggezet als leiders. In reclames is het vaak de man die iets voor elkaar krijgt en de vrouwen volgen hem of de vrouw wordt puur gebruikt om de aandacht te trekken van het publiek. Zo worden de vooroordelen over vrouwen, maar ook over mannen, in stand gehouden en is het moeilijker om aan de top te komen: de vrouw is misschien zelf onzeker over haar kunnen in het bedrijfsleven, omdat dat geloof in de maatschappij heerst. Maar dat kan ook de andere kant op werken, namelijk dat de werkgever twijfelt over de bestuurscapaciteiten van de vrouw.

Daarnaast werken er in Nederland meer vrouwen dan mannen deeltijd en dit komt wellicht doordat van vroeger uit het idee was dat de vrouw thuisblijft om voor de kinderen te zorgen en het huishouden op orde houdt. Echter zie je nu ook meer dat mannen geen fulltime baan meer hebben, maar nog steeds werkt wel driekwart van de Nederlandse vrouwen in een parttime baan en op die manier is de kans ook kleiner dat je als vrouw een topfunctie zal bekleden, omdat dit vaak een fulltime baan vergt.

Naast het gegeven dat het glazen plafond er nog wel degelijk is, bestaat er ook zoiets als de loonkloof: het verschil in arbeidsloon tussen mannen en vrouwen die beiden hetzelfde werk uitvoeren en hetzelfde opleidingsniveau hebben. Hoewel Europese wetgeving loondiscriminatie op basis van geslacht verbiedt, gebeurt dit toch regelmatig en dan vaak in het nadeel van de vrouw. Bij ambtenaren is dit nauwelijks het geval, maar in de privésector kan wel met de lonen gesjoemeld worden, omdat die daar collectief worden onderhandeld door werkgeversorganisaties en vakbonden. De lonen van ambtenaren zijn wel vastgesteld in wettelijke loonschalen.

Op Equal Pay Day wordt aandacht gevraagd voor de loonkloof. Dit is de dag waarop de doorsnee vrouw evenveel zou hebben verdiend als de man aan het einde van het vorige jaar. Door dit soort evenementen te organiseren, wordt niet alleen Nederland, maar de hele wereld bewust gemaakt van de ongelijke behandeling tussen mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt. Iedereen heeft net zoveel recht om gelijk behandeld te worden en vrouwen zouden daarom absoluut niet minder betaald moeten krijgen voor hetzelfde werk. Ook zij hebben evenveel recht op een topfunctie als een man. Laat je als vrouw niet tegenhouden door onzekerheden of vooroordelen. De strijd voor gelijke lonen lijkt misschien oneindig, maar samen moet het uiteindelijk lukken. Met mannen én vrouwen.

Caroline Brinkhuis