Leugens overal. Nepnieuws. EU vs. Disinfo. Rusland, CNN, Fox News. Iedereen liegt, ook onze docenten. “Wij zijn inclusief.” “Wij zijn voor diversiteit.” Ja, ja. Maar als het aan de TU Eindhoven ligt, dan hoeven mannen niet meer te solliciteren. Kennelijk is onze grondwet nepnieuws. “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.” 

Ik zal nooit vergeten hoe een docent bij de opleiding Geschiedenis zei: “Ik haat katholieken.” Op deze uitbarsting van haat en uitsluiting na was het een zeer geschikte docent en ook een capabel onderzoeker. Kennelijk vindt de RUG sommige groepen meer ‘divers’ dan andere. Sommige groepen worden meer inclusief bejegend dan andere.

Stel dat de docent had gezegd: “Ik haat joden, moslims, zwarten of homo’s.” De universiteit had hem terstond ontslagen. Hij was aangeklaagd en hij had binnen een week uit schaamte zelfmoord gepleegd.

Maar stel dat een docent zegt: “Ik haat blanken, of witten, of Europeanen.” (Wat is ook al weer de politiek correcte benaming voor autochtone Nederlanders?) Of: “Ik haat gereformeerden.” Of: “Ik haat evangelische christenen.” Wat was er dan gebeurd?  Is het verschil tussen roomsen en gereformeerden zo groot? Dat je de ene groep wel mag haten en de ander niet?

Het spreekt voor zich dat deze docent geen aanstelling meer heeft. Maar niet omdat hij studenten zich onveilig liet voelen. Niet omdat hij haat verkondigde. Nee, omdat hij klaar was met zijn promotieonderzoek. Verder een fantastische dissertatie. Ik heb hem thuis staan.

Wat leert dit ons over de mensen die haten op hele groepen? Dat het onmensen zijn die verketterd moeten worden? Of dat dit gewone mensen zijn? Divers en inclusief was het in ieder geval niet. In ieder geval staat het de kwaliteit van onderzoek niet in de weg. En ja, diversiteit….  

Wat betekent dat? Wie kan het me vertellen? Betekent meer vrouwen ook niet minder mannen? Hoe wil je dat doen zonder mannen de toevalligheid van hun geboorte aan te rekenen?

Het onderzoek van de Italiaanse hoogleraar natuurkunde Alessandro Strumia heeft aangetoond dat vrouwen in de natuurkunde makkelijker een positie krijgen dan mannen. Bekijk zijn data en kom maar met een andere conclusie.

Even een terzijde: hij maakte een analyse waarin hij mannen en vrouwen met elkaar vergeleek. De reactie van de groep activisten, die zichzelf Particles for Justice noemt:  “We write here first to state, in the strongest possible terms, that the humanity of any person, regardless of ascribed identities such as race, ethnicity, gender identity, religion, disability, gender presentation, or sexual identity is not up for debate.Als je wetenschappelijk onderzoek doet naar hoe vaak vrouwen geciteerd worden, ben je een racist, aldus de venige implicatie van de activisten. Is er een feitelijke tegenwerping? Liegt de data? Liegt de statistiek? Wie zijn er in dit debat onredelijk?

 Kortom, om meer vrouwen in de wetenschap te hebben, discrimineren we simpelweg tegen mannen. ‘Daar zijn er toch al genoeg van’, zo is de gedachte. Een extra man… wat moeten we daar mee? Laten we een vrouw benoemen!

Stel je voor dat je zo iets zegt over moslims… Daar hebben we al genoeg van, of van joden, of van zwarten. Het is duidelijk dat de meritocratie overboord gaat. Maar dan hoor je ze zeggen: meritocratie is een Westerse waarde. Het is eurocentrisch en daarmee racistisch.

Wat een onzin. Meritocratie en Westerse waarden zijn voor iedereen. Kijk maar naar Singapore of Hong Kong. Is er geen Common Law in Hong Kong? Wordt er nu niet op de barricaden gevochten door het volk om deze te behouden? Nee, Westerse waarden zijn alleen voor witte racisten, zegt de ‘intellectueel’. Dat is pas eurocentrisch. Dat is pas tegen diversiteit.

Het jammere is dat we in de diversiteitsdiscussie kijken naar de toevalligheden: man-vrouw, zwart-wit, Nederlander-buitenlander. Ik kan me niet voorstellen dat mannen en vrouwen andere natuurkunde doen. Hoe seksistisch is het te denken dat de natuurkunde niet voor vrouwen is? Wie sluit dan vrouwen buiten? De feministische ‘filosoof’ Sandra Harding noemde in haar boek The Science Question in Feminism de fundamentele tekst van de natuurkunde, Newton’s Principia een verkrachtingshandboek. Lees maar: “Why is it not as illuminating and honest to refer to Newton’s laws as ‘Newton’s rape manual’ as it is to call them ‘Newton’s mechanics’?” (p. 113). Ze heeft hier later haar verontschuldigingen voor aangeboden. Gelukkig maar. De achterliggende ideeën onderschrijft ze helaas nog steeds. Ze houdt nog steeds vol dat wetenschap mannelijk is. Wie sluit hier wie buiten?  

De feministische antropologe Emily Martin stelt zelfs dat door blootstelling aan feministische ideeën we betere wetenschappers en artsen krijgen (Scientific American, januari 1997, p. 100). Ik zou denken dat blootstelling aan meer wetenschap en wetenschappelijk denken de wetenschapper juist beter maakt. Maar nee, wetenschap is is te mannelijk. De meerderheid van de geneeskundestudenten in Groningen is vrouw.  Stel je voor dat iemand zou zeggen dat er iets mis is met de verpleegkunde, geneeskunde of de kraamzorg omdat het te vrouwelijk is. 

Meer vrouwen in de wetenschap: wat nou als meer vrouwen natuurkunde gaan studeren en niet geschiedenis zoals ik, dan zouden er ook meer vrouwelijke hoogleraren natuurkunde zijn. Maar ja, dat zou wel seksistisch zijn ofzo… En wat maakt het uit of iemand man of vrouw is: de zwaartekracht verandert heus niet. 

Diversiteit heeft veel waarde. Diversiteit is essentieel voor het wetenschappelijk bedrijf. We hebben wiskundigen en medici nodig. Diversiteit van disciplines is een groot goed. Diversiteit binnen disciplines is eveneens een groot goed. Hoe divers is de faculteit Wijsbegeerte als er alleen maar zwarte vrouwen Hegeliaanse filosofie onderwijzen? Heeft Kant geen bestaansrecht? Hoe divers is de Faculty of Science and Engineering als alleen maar Japanse vrouwen kwantummechanica doen? Is elektrodynamica ook niet belangrijk? Wie houdt er niet van Maxwell’s vergelijkingen? Het is duidelijk dat het gaat om diversiteit van gedachten, visies en ideeën. Het gaat om een redelijk pluralisme van wat onze wetenschappelijk aandacht verdient. Dus: én, én. Hegel én elektrodynamica. Elektriciteit is niet anders voor mannen en vrouwen. Anders beweren zou seksistisch zijn. Hegel –gelukkig– lijkt anders voor iedereen, ongeacht sekse. Sommige studenten zeggen hetzelfde over kwantummechanica – zo staan de alfa’s en beta’s toch dichter bij elkaar dan je denkt, in gezamenlijk bewondering en verwondering van deze wereld, om samen het mysteria magnum op te lossen zoals Friedrich Paulsen zo mooi schreef, reeds in 1892. Helaas is het tegenwoordig op Amerikaanse universiteiten gewoon om zulke denkers af te serveren als ‘een blanke man’, en daar hoeft niet naar geluisterd te worden. Soms wordt het lezen van Shakespeare en Sophocles en het luisteren naar Mozart aan ‘witte suprematie’ gekoppeld. De voorbeelden zijn legio.

We willen dat alleen de beste wetenschappers (o/v/m) komen boven drijven. De beste wetenschappers komen van de hele wereld. Daarom zijn gelijke kansen heel belangrijk. Gelukkig zijn er geen posities aan de RUG waar alleen mannen op solliciteren. Stel je een leerstoel voor waarbij staat dat er alleen maar naar mannelijke kandidaten worden gezocht. De Tweede Kamer zou weldra de hele RUG saneren en de minister naar huis sturen. 

Toch lees ik: “The University of Groningen has initiated the Rosalind Franklin Fellowship programme to promote the advancement of talented international researchers. This programme is aimed at women in academia, research institutes or industry who have a PhD. It offers a tenure-track position leading to a full professorship in a top European research university.” Kortom: mannen niet gewenst. Misschien dat dit wat kort door de bocht is. De fellows van dit academisch jaar. Hoeveel van de acht zijn er man? Zeven hebben damesnamen. Is het transfoob om damesnamen aan vrouwen te koppelen? Dit is waarlijk een vraag voor de filosofen. Een heet Alden, dus die laat ik in het midden.

Stel, het was andersom: zeven mannen en één laten we in het midden. Dan was het niet divers geweest, hoor je al zeggen. Het zijn dan weer de mannen die elkaar de baantjes toeschuiven. Hele samenzweringstheorieën worden er bij gehaald. Het patriarchaat, het phallo-  en logocentrisme, etcetera.

Gelijke kansen en diversiteit, zoals het vaak begrepen wordt, lijken elkaar uit te sluiten. Triest. Ik wil niet beoordeeld worden op mijn huidskleur, mijn paspoort of mijn geslacht, maar op mijn merites. Ik wil hetzelfde voor mijn toekomstige zonen en dochters. Stel dat je dochter thuis komt en zegt: “Pap, ik ben hoogleraar geworden omdat ik vrouw ben.” Spugen in het gezicht is dat! Ze is een wetenschapper, daarom neem je haar aan, niet omdat ze vrouw is.

Je denkt nu misschien: je gaat wel erg ver. Een recent vertrokken docent bij geschiedenis zei over zijn eigen benoeming: “Ik ben alleen aangenomen omdat ik Duitser ben.” ‘Internationalisering’ noemt men dat. Heel treurig. Zelfs als deze docent zich vergist over zijn eigen benoeming – het was namelijk een voortreffelijke docent – dan leidt dit diversiteitsdenken tot problemen. Als je een buitenlandse of vrouwelijke docent hebt: zit zij daar dan omdat ze de beste is of om andere redenen? Dit is een kwalijke ontwikkeling. De studenten en de docenten kunnen namelijk moeilijk weten wat het geval is, met als gevolg minder status en gezag voor deze groepen. Triest.

Is diversiteitsbeleid wel goed voor de diversiteit? Harvardis voor het gerecht gedaagd. Waarom? Omdat het voor Aziaten moeilijker is om binnen te komen dan voor zwarten en hispanics. Aziaten met hogere testscores worden afgeserveerd en in plaats daarvan komen er zwarten en hispanics met lagere scores in aanmerking voor een plaats aan Harvard. Dit zogenaamd door ‘persoonlijkheid’, maar de mensen die de kandidaten hadden geïnterviewd kwamen tot andere conclusies dan het Harvard Admissions Office. Centraal werden de Aziatische kandidaten veel lager beoordeeld. De groep Students for Fair Admissions rook “systemic discrimination”, zoals de Washington Post rapporteerde op 15 juni 2018. In hetzelfde bericht was te lezen dat zonder dit geforceerde beleid het percentage Aziatische studenten op Harvard 43 procent zou zijn en niet 19 procent. Kortom: racisme om diversiteit te creëren. Was diversiteitsbeleid niet bedoeld om racisme te bestrijden? Diversiteitsbeleid is goed voor minderheden. Ook nepnieuws. 

Dit betoog kan makkelijk naar een hoger niveau van abstractie getild worden. Ik zal nooit de pop-upsymposia van dr. Eelco Runia over het populisme vergeten. Hij behandelde de oorzaken van het populisme en noemde het loslaten van de meritocratie als een daarvan. In mijn ervaring heeft hij volkomen gelijk. 

Ik zat aan een tafel met een marxistische filosoof, die een carrière in de wetenschap nastreeft, die verdrietig mededeelde dat hij als man al achter stond voor het sollicitatiegesprek begonnen was. Binnen enkele seconden was de woede op zijn gezicht te lezen.

Is dit rechtvaardigheid? Als je nog twijfelt: stel je voor dat het om een vrouw ging. Het onvrede en de woede in onze samenleving heeft meerdere oorzaken en dit is er slechts één van. Deze lijkt het makkelijkst op te lossen. Aan de slag: meritocratie en verder niet zeuren. Alleen selecteren op basis van competenties. (h)Eerlijk, helder,  meritocratie. Geen Heineken? Nee, dat is niet te zuipen!  

Matthias Luijks